Vanmorgen voor het eerst in 4 maanden hier naar de markt geweest, erg
eigenlijk dat het zo lang moet duren, voor ik die bezocht, nu waren we met 5
tesamen, maar ik heb precies niets gemist in die maanden: er is effectief
niets op de markt, afin, het is toch maar pover.
Terwijl ik aan een late middagdut bezig was (verlaat wegens onvoorziene
omstandigheden op mijn wachtzondag), kwam er bezoek thuis en moest ik dus
met mijn slaapkop die mens ontvangen, die ik nog niet eerder ontmoet had.
Damiano, een Italiaanse pater van een zeventigtal jaar, al veertig jaar
missionaris hier. Heeft eerst de missie in Batangafo opgestart, en sinds elf
jaar zit hij tien kilometer verderop. Kwam goeiedag zeggen aan MSF, die hij
een aantal jaren geleden nog te logeren gehad heeft. Maar de huidige ploeg
kende hij niet, want sinds eind april had hij het land verlaten, en de
mensen van MSF blijven geen veertig jaar op dezelfde plek. Vriendelijke man,
wat gebabbeld over Bologna en over hoe ik het hier in Batangafo vind, maar
vooral veel geluisterd: Italiaan zijnde babbelt hij vooral veel en voor ik
veel had kunnen vragen over hoe het nu in Goffo was, was hij al terug de
deur uit. Spreekt trouwens ook vloeiend Sango, want met onze kok, die nog
voor hem gewerkt heeft, had hij efkes een conversatie. Ondertussen is mijn
passief Sango toch zo goed om te verstaan dat hij niet aan het roddelen was
over mij.
Na dat gesprek had ik nog de tijd om het einde van de voetbalmatch te gaan
bekijken (als ik van wacht ben, sjot ik zelf niet mee), en daarna nog wat
met een van onze lokale verplegers blijven babbelen. Een beetje kennismaken:
hoe het met de familie is, wat ge hierna gaat doen en zo. Hij werkt al vijf
jaar voor MSF, maar gaat waarschijnlijk niet zo lang meer blijven. Een goede
werkgever, die u vooral veel professionalisme en ervaring biedt, maar hij is
altijd gescheiden van zijn familie in Bangui. Dus nu is hij met zijn
verdiende geld wat aan het sparen en investeren in een veld, wat geiten om
te kweken, een huis, zulke dingen. En daar wil hij dan over pakweg een jaar
mee verdergaan. Toch zonde denk ik bij mezelf: een goede verpleger in een
land met te weinig medisch personeel, expert in slaapziekte, die dan die
ervaring niet gebruikt en wat gaat boeren.
Hopelijk komt volgende week de camion met alle hoognodige goederen uit de
hoofdstad aan, dan kunnen we terug goed verdergaan met werken. Voor de rest
begin ik hier nu eigenlijk meer en meer mijn vertrouwde vrijetijdsbezigheden
te praktiseren: fietsen (met dat ding uit China, ja), zingen (zolang mijn
huisgenoten of buren niet klagen), en krant lezen. Ook wel volleyballen en
voetballen natuurlijk, maar dat is meer sociaal. Weer een maand voorbij, het
regenseizoen loopt op zijn einde, het wordt warmer en warmer ook.
groeten aan iedereen,