woensdag 25 juli 2007

langetermijn

Vanmiddag toen ik te voet terugkwam van het hospitaal realiseerde ik me
hoeveel huizen in de buurt nu eigenlijk bewoond waren door MSF-personeel,
dat er in feite nog maar een goed jaar is. Behalve ons klein team van expats
draait het ziekenhuis grotendeels op inpats: hoewel geen buitenlanders, zijn
ze ook niet van de stad zelf, meestal afkomstig van de hoofdstad, en zijn
het dus ook een beetje vreemden in de stad. Ik schat dat van de meer dan
honderd mensen die MSF tewerkstelt, meer dan de helft overkomt van Bangui.
Dat doet me denken aan de kritiek dat je ontwikkelingshulp met de mensen
moet doen in plaats van voor de mensen: geef mensen geen brood, maar zaad om
graan te zaaien, bij wijze van spreken. En over de duurzaamheid van een
project die met die participatie samengaat.

Nu, ten eerste is het hier op dit ogenblik niet aan de orde om iets op
langetermijn te plannen, zoals de situatie er nu naar uitziet zal MSF over
tien jaar nog in Batangafo en Centraal-Afrika zitten. En ten tweede is het
op dit ogenblik onmogelijk om lokale mensen te vinden die geschikt zijn. Als
je geen boekhouder hebt, maar iemand die iets van boekhouden kent, kan je
hem opleiden, maar als er niemand is die enigszins zo geschoold is, moet je
personeel van elders zoeken. Moest de verantwoordelijkheid in het ziekenhuis
liggen bij de hulpverplegers, ik hield mijn hart vast. Ik heb een
schitterende hoofdverpleger op pediatrie, en de andere inpats zijn ook heel
bekwaam en met superveel ervaring, waar ik dus veel van leer (en omgekeerd),
maar sommige hulpverplegers (infirmier sécouriste, hebben een opleiding van
één jaar), zijn op zijn zachtst gezegd niet al te snugger. Dus, met de beste
wil van de wereld, met lokale mensen werken en ze opleiden, is niet overal
en altijd mogelijk.

Maar er is hoop voor de toekomst: als de volgende generatie zich geroepen
voelt om te werken voor wat hoogstwaarschijnlijk de grootste (en best
betalende) werkgever van Batangafo is, en ze de kans krijgen te studeren,
kunnen we over tien jaar misschien veel meer met lokale verpleging en artsen
werken.

Trouwens, MSF heeft ook niet als eerste doel op duurzaamheid te werken,
aangezien ze zich specialiseren in urgenties, maar uiteraard komt aan het
einde de opdracht om bij vertrek iets werkzaam achter te laten. Zoals ik
zei, ik denk niet dat MSF de eerste tien jaar de Centraal-Afrikaanse
Republiek verlaat.

Gelukkig zijn er ondertussen ook een aantal andere organisaties die zich
beginnen te organiseren om in het land projecten te beginnen. Zo hebben we
hier maandag de vrienden van Solidarité te gast gehad (en van hen verloren
met het pokeren), en ook Action Contre la Faim en een Noorse organisatie die
onderwijs ondersteunt zouden op korte termijn in Batangafo beginnen. Hoe
meer zielen, hoe meer vreugd.

Over langetermijn gesproken: de Chinezen doen hier ook aan
ontwikkelingshulp: in Bangui, de hoofdstad staat een gloednieuw 1 jaar oud
voetbalstadium, ik schat een 50 000 plaatsen (maar natuurlijk kan als ge wat
duwt daar dubbel zoveel volk in), gebouwd door de Chinezen als steun. Door
Chinezen wel letterlijk te nemen, die nemen geen lokale werknemers aan:
volgens mijn bronnen is het gebouwd door Chinese gevangenen die als
werkstraf in Afrika een voetbalstadium bouwen en na afloop daar
achtergelaten worden. Een beetje zoals de Europeanen tweehonderd jaar
geleden hun gespuis naar Australië exporteerden. Maar langetermijn, het
stadium ziet er degelijk uit, kan zeker honderd jaar meegaan. Wat niet kan
gezegd worden van de Chinese fietsen hier: na nog geen half jaar is zowat
alles wat eraan kapot kan gaan al kapot, geef mij dan maar een goeie
Peugeot. (als fiets, niet als auto).

Deze week is ook het volleybalseizoen van start gegaan. Een beetje traag op
gang gekomen: maandag hadden we nog geen net, dinsdag was het net er, maar
het terrein nog niet gekuist: met als gevolg dat onze volleybal om de
haverklap doorboord werd door kleine doorns, en dat al na een halfuur we om
de vijf opslagen lucht moesten bijpompen. Denk dat de fietsenmaker een paar
dozijn "roustinnekes" op de bal mag kleven om hem terug luchtdicht te maken.
Vandaag, woensdag, dan met de reservebal, en gekuist terrein echt
wedstrijdjes gespeeld. Zoiets doet echt deugd. Ideaal voor de teamspirit.
Discussie of de bal nu binnen of buiten was. Heeft hij het net geraakt of
niet? Serieus, iedereen heeft er veel van genoten, en ik denk dat we daarmee
morgen met meer energie ons werk in het ziekenhuis kunnen voortdoen.

En nog even voor de fait divers: naar het schijnt zou er een vredesakkoord
op til zijn, en zijn de rebellen momenteel aan het bespreken hoe ze de taart
zouden verdelen van het stuk hun toegewezen. Reden voor dat akkoord (het is
niet het eerste, en te vrezen dat het ook niet het laatste is) is dat de
regering meer geld van de Wereldbank (die ex-werkgever van Paul Wolfowitz)
zou krijgen als er een vredesakkoord is. We kunnen maar hopen. Nu vraag ik
me af: blijft er na het afscheid en de zelf-toegekende loonsverhoging van
Wolfie eigenlijk nog wel geld over voor Centraal-Afrika? Och ja, dat is toch
maar een lening. Dus over tien jaar mogen ze dat met intrest terugbetalen.
Hopelijk bouwt de president er een schoon ministerie of paleis mee, want
toen ik in Bangui was vond ik zelfs de overheidsgebouwen maar magertjes.
Zeker in vergelijking met de Franse ambassade. We zijn nog altijd jaloers op
onze chef die op quatorze juillet bij een glas champagne en een broodje
camembert met de Franse veiligheidsadviseur van president Bozizé (ziet ge
Sarko al met een Afrikaanse defensie-attaché?) de penibele (mjam)
veiligheids (slurp) - situatie (slik) op het terrein (ja, dat smaakt)
besprak.

smakelijk vanuit Batangafo,

Geen opmerkingen: